img_0951De schildklier kun je vergelijken met de thermostaat van de kachel. Als hij hoog staat, gaan alle verbrandingsprocessen wat sneller en heftiger dan als de ‘thermostaat van ons lichaam’ te laag staat. Bij een te lage activiteit van de schildklierhormonen heb je het vaak letterlijk snel koud, je hele lijf of alleen koude handen en voeten, er is vaak vermoeidheid. De voeding verteert wat te traag, waardoor het zwaar op de maag kan liggen. Verstopping (heel trage ontlasting) kan hiermee samenhangen. Overgewicht, terwijl je normaal of zelfs weinig eet, kan ontstaan, omdat je kacheltje te weinig brandstof gebruikt. Depressie, concentratieproblemen, apathie of vergeetachtigheid zijn een signaal van erg weinig energie in de hersenen.

Bij een te grote activiteit van schildklierhormonen gaat alles vooral te snel, zelfs het kloppen van je hart. Je verdraagt warmte vaak slecht en hebt snel de neiging om te gaan zweten. Diarree kan het eerste symptoom zijn van een te actieve schildklier. Men kan veel eten en toch geen grammetje aankomen of zelfs afvallen. Emotioneel is er ook van alles teveel: angst, nervositeit en bijvoorbeeld slapeloosheid door veel onrust.
Te grote activiteit van de schildklierhormonen is onder andere belastend voor het hart en mag daarom niet te lang duren. Zweten, haaruitval, hoofdpijn en jeuk zijn veel voorkomende klachten bij onbalans van schildklierhormonen.

Er is een sterke wisselwerking is tussen de hypofyse, schildklier, bijnieren en geslachtsklieren. Als er een ontregeling is van bijvoorbeeld de bijnieren of de geslachtsklieren, heeft dat invloed op de functie van de schildklier. Bij bijvoorbeeld chronische stress en/of depressiviteit moet de bijnier zo vaak en zo hard werken dat de schildklier op een lager pitje gaat branden. Als de bijnier op een gegeven moment uitgeput raakt, heeft dat een negatieve invloed op het functioneren van de schildklierhormonen. Er bestaat wisselwerking met andere hormonen als insuline en melatonine (o.a. slaap-waakritme) en schildklier.
Auto-immuunaandoeningen komen veel voor bij verstoringen van het functioneren van schildklierhormonen. Het immuunsysteem kan dan lichaamseigen weefsel aanvallen, waaronder de schildklier. Een tekort aan het hormoon cortisol als gevolg van bijvoorbeeld langdurige stress, intoleranties, infecties, of sluimerende restinfecties, kunnen hiervoor een belangrijke oorzaak zijn. Daarnaast is de schildklier zeer gevoelig voor radioactieve straling en tekorten aan voedingsstoffen. Voor de aanmaak van schildklierhormonen heeft de schildklier mineralen nodig als selenium, zink en ijzer, vitamine D, visolie, maar ook o.a. jodium, en tyrosine uit eiwitten nodig.

 

Bloedonderzoek geeft vaak onvoldoende aan dat er problemen zijn met het functioneren van de schildklier. Een test naar de basale temperatuur van het lichaam geeft een goede indicatie van het functioneren van de schildklier als thermostaat, die de ‘kachel’ van het lichaam aanstuurt. Een jodiumtekort komt heel veel voor. Snelle opname van jodium, op de huid aangebracht, geeft een indicatie of er een jodiumgebrek kan zijn. Uitsluitsel kan worden gegeven door een 24-uurs jodium-bromide urinetest.